Ede Foodstad

Gemeente Ede zet voor haar communicatie verschillende online middelen in. Bijvoorbeeld EdeFoodstad en Stadsvisie Ede. Kijk voor meer informatie: www.ede.nl/food

4  DUURZAME
    EN GEZONDE  
    STAD
  • Ede-Stad gaat bewust om met haar natuurlijke omgeving, de stad is groen, zowel fysiek als in gedrag
  • De inrichting van de stad dient het welzijn en welbevinden van de bewoners te verbeteren
  • De openbare ruimte nodigt uit tot gezond gedrag, onder andere bewegen en ontmoeten
  • Bodem, groen en water zijn waardevol in functionele zin als ook voor biodiversiteit, gezondheid en klimaatadaptatie: ons groen kapitaal
  • In de stad ontwikkelt zich een robuust raamwerk van groen en water
  • Bouwen in de stad heeft voorrang, herbestemming en multifunctioneel ruimtegebruik is de maatstaf bij ruimtelijke ontwikkeling
  • Uitbreiding is denkbaar om waardevol stedelijk groen, water en openbare ruimte te behouden
  • Voor uitbreiding van wonen komen in eerste instantie Kernhem-West en -Noord in aanmerking
  • Bestaande en geplande bedrijventerreinen accommoderen de vraag tot 2030
  • Voor situering van bedrijven met zware milieuhinder is incidentele uitbreiding van Kievitsmeent mogelijk
  • Nieuwbouw en herontwikkeling bestaand vastgoed draagt bij aan energietransitie
  • Milieuvriendelijk verkeer en vervoer bepaalt meer en meer de inrichting van de stad
  • Er komt meer ruimte voor de fiets, o.a. door meer snelfietsroutes: Ede fietsstad

Duurzaamheid en gezondheid zijn thema’s die de komende jaren meer dan in het verleden een bepalende rol gaan spelen in ruimtelijke ordening. Voor de gemeente is een duurzame en gezonde stad, een stad die bewust omgaat met haar natuurlijke omgeving. De stad wil groen zijn, zowel fysiek, als in gedrag. 

Zuinig ruimtegebruik is het streven waar het gaat om het accommoderen van nieuwe functies in de stad. Her-bestemming, intensivering en multifunctioneel ruimtegebruik en duurzaam bouwen is maatstaf bij ruimtelijke ontwikkeling. In de zoektocht naar geschikte plekken ligt de focus meer op het bestaand bebouwd gebied. Zuinig ruimtegebruik voor Ede-Stad betekent echter ook dat waardevol stedelijk groen, water en openbare ruimte niet bebouwd worden. Uitbreiding van de stad is daarom een reële optie.

In een duurzame en gezonde stad is groen ons kapitaal! Bodem, groen en water zijn waardevol voor gebruik en beleving, maar vooral ook voor biodiversiteit, gezondheid en klimaatadaptatie. De stad ontwikkelt daarvoor een ruimtelijk raamwerk waarin groene, recreatieve en ecologische kwaliteiten van de stad en het buitengebied zijn geborgd. Bestaand groen en water worden beschermd, de samenhang wordt vergroot en waar mogelijk komt nieuw groen en water tot stand. 

De openbare ruimte nodigt uit tot gezond gedrag, onder andere met aanleidingen tot bewegen en ontmoeten. Dat gebeurt door de juiste positionering van publieksfuncties, waaronder stadslandbouw, maar ook door milieuvriendelijk verkeer en vervoer steeds meer de inrichting van de stad te laten bepalen. De auto maakt vaker plaats voor de fiets, elektrisch vervoer wordt gefaciliteerd en parkeervakken worden waar mogelijk ingeruild voor groen en water. 

Met de ruimtelijke ontwikkeling van de stad draagt Ede bij aan de beperking van de mondiale temperatuurstijging en het efficiënter omgaan met energie, grondstoffen en natuurlijke hulpbronnen. Het grondstoffen-, electriciteit- en gasverbruik wordt verminderd en milieuvriendelijk gedrag wordt gestimuleerd. Hergebruik en recyclen van reststromen, het sluiten van kringlopen en bewustwording van de hele keten staat centraal in een circulaire aanpak. 

Tegelijkertijd bereidt de stad zich voor op de effecten die klimaatverandering met zich meebrengt. Met kennisontwikkeling en -uitwisseling, ontstaat meer bewustzijn en ontstaat een aanvullende ruimtelijke agenda voor de Edese stadsontwikkeling. 

Essentie:

Bouwen in de stad heeft voorrang:
Groen en water in en rond de stad kunnen behouden blijven door de verstedelijking de komende jaren meer en meer binnen het bestaand bebouwd gebied op te lossen. Intensivering van de bestaande stad vergroot tevens het draagvlak voor de voorzieningen in de brandpunten op wijk- en bovenstedelijk niveau. De gemeente zet dan ook in op een betere benutting van bestaand vastgoed voor het huisvesten van nieuwe vraag naar woningen, werklocaties, retail en leisure. Dat kan door herbestemming, multifunctioneel ruimtegebruik en intensivering van bebouwing. Herbestemming heeft meerwaarde wanneer tevens sprake is van het terugbrengen van eventuele hinder, veiligheids- en gezondheidsrisico’s. Bebouwing op de plek van stedelijk groen (ook op particulier terrein), water of openbare ruimte kan alleen in gevallen dat sprake is van wezenlijke maatschappelijke en ruimtelijke meerwaarde op de vijf leidende principes uit de Stadsvisie. Indien dit leidt tot verlies van waardevol stedelijk groen, water en openbare ruimte dient dit ter plaatse of elders in de stad heringevuld te worden. Bij voorkeur op een plek waar het groenblauwe raamwerk versterking vraagt. De Ruimtelijke Waardenkaart, deelkaart Landschap en Groen, geeft richting bij het bepalen van de waarde.

Uitbreiding van de stad:
Voor uitbreiding van de stad met woningbouw komen in eerste instantie Kernhem-West en -Noord in aanmerking. Kernhem-West voor de periode tot 2030 en Kernhem-Noord voor de opvang van de eventuele vraag voor de langere termijn. Als uitbreidingsoptie van de stad na 2030 vormt het gebied ten noorden van Kernhem wat dat betreft een strategische reservelocatie voor eventuele opvang van woningbouwbehoefte. De vraag naar bedrijventerreinen tot 2030 wordt geaccommodeerd op bestaande en reeds geplande bedrijventerreinen. Voor de situering van bedrijven met zware milieuhinder kan het echter nodig zijn om op incidentele basis bedrijventerrein Kievitsmeent te vergroten. De complexiteit van hinderzones in relatie tot hindergevoelige functies maakt het tenslotte soms onmogelijk om een bedrijf in de bestaande structuur in te passen. 


Bodem, groen en water benaderen als kapitaal:
Bodem, groen en water zijn waardevol voor gebruik, maar vooral ook voor biodiversiteit, gezondheid en klimaatadaptatie. Deze veelzijdigheid dient betrokken te worden bij ruimtelijke ontwikkelingsprocessen, bij voorkeur aan de voorkant. Dit gebeurt door de waarden (ook op locatieniveau) inzichtelijk te maken en te communiceren. In de ontwikkeling van het groen wordt de veelzijdigheid ook de norm. Restgroen maakt op die manier plaats voor waardevolle groenblauwe ruimte in de stad. Sporten en recreëren wordt gestimuleerd. Niet alleen in speciaal daarvoor bestemde gebieden maar ook door een slimme inrichting van de openbare ruimte. 

Fietsstad Ede:
Milieuvriendelijk verkeer en vervoer bepaalt meer en meer de inrichting van de stad. De gemeente stimuleert elektrisch rijden en schone logistiek in de stad. Primair zet de stad echter in op Ede als fietsstad. Veilige, aantrekkelijke en snelle routes nodigen uit om die fiets te gebruiken. De routes zijn geïntegreerd in het stedelijk weefsel en groenblauw raamwerk. Een fijnmazig netwerk van paden en snelfietsroutes zorgt voor goede verbindingen tussen wijken, werkgebieden, wijkcentra, brandpunten van het stedelijk netwerk, maar ook naar het buitengebied en de dorpen. Tegelijkertijd zal bij ruimtelijke ontwikkeling steeds vaker de keuze gemaakt worden om in de openbare ruimte het langzaam verkeer de prioriteit te geven boven het autoverkeer. Met name in de brandpunten vindt een transitie plaats van autostad naar fietsstad. 

Bouwen aan een robuust raamwerk van groen en water:
Aan de randen van de stad, met name de oostkant, is de natuur voelbaar en zichtbaar in de stad aanwezig. Het brengt hier ook een grote verscheidenheid aan flora en fauna in de stad. Voor de kwaliteit van groen en water is de verbondenheid en verweving door de stad van groot belang. Met doorgaande structuren ontstaat een raamwerk dat verplaatsing van mens, natuur en water mogelijk maakt en de verscheidenheid van natuur en landschap (van hoog en droog, naar laag en nat) zichtbaar maakt. In de hoger gelegen gebieden (gebieden tegen de bossen) heeft het groen de overhand ten opzichte van het water, waar halverwege de stad een kentering plaatsvindt, en het water ten aanzien van groen de overhand krijgt. Het zijn de groen- en waterstructuren langs de verschillende wegen en het spoor die de stad dooraderen en een raamwerk vormen met het buitengebied. Verbindingen, zoals de natuurlijke bermen langs de wegen en de continue oost-westverbindingen op de gradiënt van hoog naar laag (ecozone A12, spoorzone, N224), moeten behouden blijven en waar mogelijk versterkt worden. Dat kan door ontbrekende schakels in te vullen als onderdeel van integrale locatieontwikkelingen of ter compensatie van verlies van groen- en waterstructuren elders in de stad. 

Inzetten op energietransitie:
Het vervangen van fossiele energie door hernieuwbare energie (energietransitie) is één van de grootste opgave in het streven naar een duurzame en gezonde stad. Ruimtelijke ontwikkeling dient bij te dragen aan deze opgave. Vastgoedeigenaren  en -bouwers worden uitgedaagd energiezuinige en waar mogelijk energieopwekkende maatregelen tot stand te brengen. De gemeente draagt bij door belemmerende regels te versoepelen en eigen vastgoed te verduurzamen. Daarnaast werkt zij mee aan de uitbreiding van het warmtenet als alternatief voor het gasgebruik van huishoudens en bedrijven. In het programma duurzaamheid worden maatregelen verder geconcretiseerd en uitgewerkt. Daarbij is tevens bredere aandacht voor het thema energietransitie, bijvoorbeeld in de vorm van afvalstof is grondstof en het aanwijzen van zoeklocaties voor duurzame energiewinning. Het snelweglandschap, bij voorkeur in combinatie met de bedrijventerreinen, biedt gezien de grootschalige en dynamische karakteristiek daarvoor ruimtelijke aanknopingspunten.

Ontwikkelen kennis en beleid op vlak van klimaatadaptatie en ondergrond:
Extreme weersomstandigheden, hitteperioden en veel regenval, leiden tot wateroverlast en hittestress in specifieke gebieden. Ook neemt de kans op bosbranden op de Veluwe toe met ernstige gevaren voor aangrenzende woongebieden. Over de mondiale en landelijke impact is steeds meer bekend, maar op het niveau van de gemeente en de stad dient de impact nog nader geduid te worden. De gemeente zet dan ook in op kennisdeling en -ontwikkeling teneinde een beter inzicht te krijgen in de noodzakelijke ingrepen op het vlak van klimaatadaptatie. Hierbij valt te denken aan ruimte voor (tijdelijke) waterberging,  verbetering van de luchtkwaliteit, verkoeling en  het tegengaan van bosbrandgevaar. De uitkomsten hiervan worden waar mogelijk direct geïmplementeerd in het ruimtelijke besluitvormingsproces, als opgaven geconcretiseerd en in eventuele gebiedsontwikkelingen geïmplementeerd. Zo is voor de verwerking van regenwater reeds gekozen voor een aanpak sterk gericht op de bovengrondse inrichting. Pas als verwerking bovengronds niet mogelijk is, kiezen we voor afvoer via ondergrondse infrastructuur.

Ede-Stad maakt zich sterk voor: